datum: 15 - 05 - 2005
bron: Dries van Dijk - Nieuwsblad VAR

Vleutenaar Es van Ginkel bouwt in De Hoven, ‘Oud-Hollandse stedenbouw is aantrekkelijk, daar komen mensen op af.’

Vleuterweide – De Vleutense architect Es van Ginkel ontwerpt een hof in de wijk De Hoven in het centrum van Vleuterweide. Verspreid in het westen van Nederland staan huizen en straten, die van zijn hand zijn. Hoe werkt hij binnen het stedenbouwkundig ontwerp van Krier en Kohl voor het centrum van Vleuterweide? Welke aspecten zijn voor hem belangrijk? Is het plaatselijk element inspirerend voor hem?

Het bewaren van landschap
‘Leidsche Rijn is een enorme bouwput! Daar heeft men niet direct een boodschap aan een plaatselijk architect. Men hanteert dikwijls een vast rijtje architectenbureaus. Dat is het gevaar van Vinex, dan dreigt routine te gaan overheersen. In grote lijn heeft het ontwerp van Leidsche Rijn bijzondere aspecten. Op de Biënnale van Venetië wordt juist het integreren van bestaande linten en mooi opgenomen isotopen in het ontwerp van Leidsche Rijn volop geprezen. Het is belangrijk om in het stedelijk landschap en directe omgeving ook zichtlijnen naar de horizon te houden. Het bewaren van het landschap heeft iets heel geruststellend, iets waar je herkenning in vindt.

Oud-Hollandse stedenbouw
‘Dat geldt ook voor de Oud-Hollandse stedenbouw, waarnaar het ontwerp van Krier en Kohl verwijst. Deze stedenbouw is aantrekkelijk, daar komen mensen op af. Een huis op zich is niet wezenlijk, maar hoe het is geplaatst in het geheel. Met woningbouw maak je een stedelijk milieu, dat blijvend aantrekkelijk is. Het is net als Haarzuilens. Een huis is lief, maar juist het aantal en de ligging van deze huizen maakt Haarzuilens tot een bijzondere identiteit.’
Daarom ben ik ook gemotiveerd om woningbouw op te zetten in een stedenbouwkundig milieu, zoals Krier en Kohl dat hebben voorgesteld. Ik ben puur gekozen op basis van het Molenvliet-project in Woerden. Na 30 jaar wonen daar nog steeds eerste kopers in de huizen.’

Eigen indentiteit
‘Mensen willen kunnen wijzen:’Dit is mijn huis.’Dat geeft een gevoel van identiteit. Aangevuld met een beschutte leefomgeving, die ook voor kinderen veilig is. Een gemeenschap, waar je iemand die te hard rijdt op de vingers kan tikken. Je wil het ook thuis lekker hebben. Dat scheelt ook auto’s op de weg! Krier doet dit door de hoeken ‘door te bouwen, een hofmodel. De auto’s gaan uit de straten, worden in het hof geparkeerd en de voortuintjes ontbreken. Dit zorgt voor een prettige gemeenschap’

Door kritiek laten inspireren
‘Er is ook een spanning met de woonconsument. Bij een bepaalde fase in het leven hoort een huis, levert woongenot en wordt daarna weer ingeruild voor een volgende. Hoe ver reikt mijn polsstok, wat krijg ik er voor terug? Het is calculerend, rationeel, kent weinig diepgang. Architectuur is dan op zijn best gebruikskunst. Realistisch zijn! Je bent 90% van je tijd aan het passen en meten. Beeldkwaliteitsplan. Prijs-kwaliteitsverhouding. Jouw meerwaarde komt uit de 10%, die aannemer en projectontwikkelaar niet in kunnen vullen. Dat gaat stap-voor-stap, niet even op een achternamiddag. Toetsen, toetsen, toetsen met Q-team, supervisor, Krier-Kohl, GEM Vleuterweide en Welstandskamer. Je moet je door de kritiek laten inspireren, de kritiek moet je interpreteren in je ontwerp.’ Van Ginkel wijst door de ramen van zijn kantoor naar het onderliggende grinterf. ‘De ramen doortrekken tot aan de vloer, zo geef je beleving mee. Ik woon hier royaal 15 jaar en nog elke dag krijg ik een opgewekt gevoel van mijn blik op het erf.’ ‘Zo geef ik de huizen van de hof een herkenbare intimiteit mee, veiligheid als van je geboortehuis. Ik heb een maximale spanning opgevoerd in de verhouding open-dicht, ramen en gemetselde muren. Geïnspireerd door de Amsterdamse grachten. De Welstandskamer noemt dat ‘mooie filigraine architectuur’. Zo’n acht types woningen. Ook een duidelijk herkenbare poort, die toegang biedt tot de hof. Het is ook een toevoeging aan het Beeldkwaliteitsplan, ik hou me daaraan, interpreteer deels en laat me inspireren. Zo wordt het geheel van 1500 woningen sterker.’